Soms voel ik me zo’n oplichter.

Ik luisterde vanochtend naar een interview van Tim Ferriss met Yuval Noah Harari (van, je weet wel, Sapiens). Harari zei:

“If I was a superhero, my power would be detachment.”

Wat meer afstand tussen binnen en buiten. Naar je werk kunnen kijken en je schouders ophalen. Kritiek krijgen en doorgaan. Dat zou ik ook wel willen.

Ik geef daar vaak advies over. Copywriters zijn creatieve wezens, en creatieve wezens tobben. We hebben één hele grote valkuil: ons werk leent zich bijzonder goed voor overidentificatie. Het is zo gemakkelijk om te vergeten waar de grens ligt tussen wat je maakt en wie je bent. En afwijzing van ons werk, of (erger nog) de dreiging van afwijzing, raakt ons diep in het hart. Als iemand nee tegen je werk zegt, zeg jij al snel nee tegen jezelf.

En dus kruipen we in onze schulp. We stappen de spotlight niet in omdat we bang zijn voor boegeroep. We verzwijgen hoe we over de wereld denken omdat we bang zijn voor boze tegenargumenten. We spreken ons niet uit over welke klanten we het liefst willen dienen omdat we bang zijn dat zíj (juist zij) ons afwijzen. We stellen onze marketing uit.

En dat is problematisch, want ons werk heeft aandacht nodig om waarde te krijgen. Als je een prachtig gedicht schrijft en het notitieboekje in de fik steekt, heb je dan iets bijgedragen?

En dus moet je stoppen met jezelf te identificeren met wat je doet, en start shipping your work. Schep afstand tussen jezelf en je werk. Find some detachment.

Moet je hem horen, met z’n detachment.

Ja, want ik heb een grote bek over dat je je niet moet aanstellen, maar bij deze loodgieter staat het water soms tot halverwege de woonkamer. I’m just being honest.

Als ik één eigenschap van mezelf kon veranderen, zou ik daar ook voor kiezen, voor detachment.

Wat meer afstand scheppen tussen buiten en binnen. Afstand tussen wat me overkomt en hoe ik me voel. Wat minder afhankelijk zijn van externe validatie en beïnvloed door kritiek, en wat meer bereid om op m’n bek te gaan en m’n schouders erover op te halen.

Ik ben ’t aan het leren. Maar soms gaat het zo langzaam – en ook zo ongemerkt weer fout, vaak. Alsof je je huis binnenstapt en daar zit je innerlijke puppy, midden in de kamer, temidden van een enorme teringbende, alles onder de rooie verf, blijkbaar al dagenlang bezig het behang van de muren te trekken, de planten op te vreten en de kastjes onder te pissen.

Prima. Diep ademhalen, de dweil pakken, gewoon weer aan ’t werk om alles recht te zetten. En door.

En ondertussen fluistert er een stem in m’n oor: “oplichter”.

Ik probeer mijn klanten dingen te leren die ik zelf nog niet altijd 100% onder controle heb. Maakt dat mij een oplichter? Ja. Uhm, ja. Eigenlijk wel.

Jij probeert jouw klanten te helpen met dingen die je zelf ook niet altijd 100% door hebt. Ben je de beste marketeer van de wereld? Nee, waarschijnlijk niet. Maakt dat je een oplichter, een imposter? Uhm, ja, eigenlijk wel. Een beetje.

Maar dat is het punt: het is oké om een beetje een imposter te zijn. Dat is nou eenmaal wat er gebeurt als je werk levert waarvan de uitkomst niet zeker is. Werk dat een sprong in het diepe vereist. Werk dat begint met een stukje van je hart afknippen en opplakken en zeggen: hier, ik heb dit gemaakt. Misschien is het niet voor jou, maar misschien kun je er iets mee.

Dat is kwetsbaar werk, en bovendien werk zonder gegarandeerde uitkomst. Maar dat maakt het juist waardevol. Het feit dat je je een imposter voelt, is een teken dat je werk doet dat niet door een machine gedaan had kunnen worden. Werk met durf, met hart, met emotie. Je bent een soort van oplichter, net als ik, want we zijn geen machines. En dat is oké.

Betekent dat dan niet dat die emotie en die durf verloren gaan?

Als je je niet meer identificeert met het werk, gaat dan het hart eruit?

Nee, ik geloof van niet. Detachment betekent dat je op het voetbalveld verschijnt om je werk te doen, ongeacht wat de uitkomst zal zijn. Dat je geen belofte op een goeie afloop verlangt. Dat je verschijnt en zegt: ik ben er. Ik ben honderd procent aanwezig voor de komende 90 minuten. En daarna ga ik naar huis, en ga ik me voorbereiden op de volgende wedstrijd. Wat er vandaag ook gebeurt.

Dat je je werk kunt doen ondanks dat er duizenden boze Engelandsupporters boe staan te roepen. Ondanks dat je misschien zelf wel twijfelt of je niet te oud aan het worden bent. En dat jij je ogen dichtdoet, glimlacht en denkt: “ik ga m’n best doen om die bonenvreters alle hoeken van de kamer te laten zien”.

Je bent goed genoeg.

Beter werk maken begint met betere klanten, niet andersom.

Je kunt wachten tot je ‘goed genoeg’ bent, tot je je geen imposter meer voelt. Maar dat moment komt er dus nooit.

Niet wachten. Beginnen. Definiëer wat jij hier op deze planeet komt doen, zoek je tribe, show up, en foebel je ouwe Chielinibeentjes uit je lijf.

Ik geef een workshop waarin ik je precies uitleg hoe je dat doet, ‘Betere Klanten’ vinden. En wat dat dan betekent. En hoe je daarmee je creatieve bedrijf kunt laten groeien zonder je creatieve ziel te verliezen. Meer omzet, meer rust, meer impact op de wereld met jouw creatieve werk.

– Ik leg je de 3 hacks (voor mensen die niet in hacks geloven) uit die 80% van je problemen oplossen.
– Ik help je aan meer helderheid in wie jij wil dienen met je dienst
– Ik geef je de 3 ‘APK’- stappen die je helpen aan duurzame groei (in plaats van tactiekjes die je even snelle cash en bonushoofdpijn opleveren)
– Ik geef je mijn ‘geheime’ methode waarmee ik mijn droomklant wist te scoren.

Ja je had me al bij ‘oplichter’, hier met die inschrijflink!