Het laatste stukje moet op durf.

Je kunt je zo goed voorbereiden. Surfles volgen, instructiefilmpjes bingen op youtube, je kracht en je pop-up oefenen.. Maar als je daar in het water ligt, de golven nét iets hoger dan comfortabel, nét iets te veel andere surfers om je heen waar je bovenop kan klappen.. Dan ben je er zelfs met al die gedegen voorbereiding nog niet. Het laatste stukje moet op durf.

De golf komt eraan, en niemand kan je garanderen dat het je gaat lukken. Honestly: je twijfelt er zelf wel een beetje aan. Zeker schouderhoog, is deze. Maar je gaat ervoor. Peddelen alsof je leven er vanaf hangt. Peddelen, péddelen met die peddelhandjes van je en gáán…

En dan sta je ineens op de beste golf van je leven.

Hier was je niet gekomen als je niet een laatste sprongetje in het diepe had gemaakt. Peddelen ondanks dat de goeie afloop niet verzekerd is.

Wat gebeurt er als je níet peddelt? Dan mis je de golf. Of je laat je net op het moment dat het eng wordt (het moment dat je snelheid begint te maken) van je bord glijden. En dan lig je een halve minuut later zout water uit te spugen op het strand.

Sorry – ik ben weer ’s heel veel aan het surfen de laatste tijd, en dan kan ik alleen nog maar in surfmetaforen spreken. Maar hier is waarom dit relevant is:

Doordat je onzeker bent, schrijf je onduidelijk.

En dat maakt je een slechtere copywriter dan je zou kunnen zijn.

Als je onzeker bent, is het een stuk moeilijker om iemand keihard bij de lurven te pakken en te zeggen: meekomen vriend. Hier gaan we heen.

Heldere, simpele, directe, krachtige taal. Dat is wat de wereld van je nodig heeft. Dat is wat goeie copywriters onderscheidt van mensen die ook denken dat ze kunnen schrijven.

Dat is waarom mindset zo godvergeten belangrijk is als je een goeie copywriter (of wat voor ondernemer dan ook, eigenlijk) wil zijn. Voordat je schrijft met volle kracht, moet je eerst dat stemmetje in je hoofd de mond leren snoeren.

Je kent ‘m wel: “je bent niet goed genoeg”, “je bent geen professional”, “niemand zit op jou te wachten” – that guy. Zolang dat stemmetje nog de dienst uitmaakt in de bovenkamer, schrijf je ondermaats.

En daar staat iets heel belangrijks tegenover. Als je peddelt op een golf die net boven je zelfvertrouwen uitkomt, kun je maar beter toch doorpeddelen. Vol de commitment aangaan is beter dan halfbakken liggen twijfelen. Want als je stilligt, krijg je zevenhonderd kilo woest water op je snuit terwijl je daar ligt te zeehonden.

Terwijl als je ervoor gáát, ook al twijfel je aan de goeie afloop, ben je met de golf mee aan het gaan in plaats van ertegen te vechten. Als t misgaat zijn de consequenties dan vaak minder heftig, maar belangrijker: wat als ’t wél goed gaat? Vaak blijkt op het moment suprême dat je twijfel ongegrond was en dat je meer aankan dan je dacht. En zo groeien we.

Als je zelfvertrouwen het moeilijk maakt om mensen duidelijk te maken wat ze moeten doen (omdat je zelf nog niet helemaal weet wat voor diensten je aan wil bieden, bijvoorbeeld), kun je maar beter toch helder zijn. Het risico nemen dat de richting waar je ze instuurt misschien niet in een keer de goeie richting is.

Want het laatste stukje moet op durf.

.